Twee bedrijven kunnen elk één ton aan carbon credits afboeken en toch met totaal verschillende klimaatclaims naar buiten komen. Het verschil zit meestal in één ding: de carbon credit standaard die de credit oorspronkelijk heeft gecertificeerd.
Carbon credit standaarden bepalen wat telt als een echte, additionele en permanente ton CO2. Ze bepalen hoe een project wordt gemeten, wie het verifieert en of de credit die eruit voortkomt de toets van je accountant, je raad van bestuur en steeds vaker je toezichthouder doorstaat. Kies je de verkeerde standaard voor je doel, dan betaal je mogelijk te veel, schiet je rapportage tekort of stel je jezelf bloot aan beschuldigingen van greenwashing.
Deze gids vergelijkt de standaarden die in 2026 echt tellen voor zakelijke kopers, en laat zien hoe je de standaard afstemt op de claim die je wilt maken.
Wat een carbon credit standaard eigenlijk regelt
Een standaard is iets anders dan een project, en ook iets anders dan een register. De standaard is het regelboek. Het register is de database die de credits uitgeeft, volgt en afboekt, zodat ze niet dubbel worden geteld. De meeste grote standaarden hebben hun eigen register. Daarom worden de twee termen vaak door elkaar gebruikt.
Als je standaarden vergelijkt, scheiden vier punten de sterke van de zwakke:
Additionaliteit: zou de emissiereductie of -verwijdering ook zonder koolstoffinanciering hebben plaatsgevonden?
Permanentie en duurzaamheid: hoe lang blijft de CO2 uit de atmosfeer, en wat gebeurt er als die weer vrijkomt?
MRV (meten, rapporteren en verifiëren): hoe nauwkeurig wordt het klimaatvoordeel gekwantificeerd, en controleert een geaccrediteerde onafhankelijke auditor dit?
Co-benefits: levert het project ook geverifieerde resultaten op voor mensen of biodiversiteit?
Elke standaard hieronder maakt andere afwegingen tussen deze vier punten. Dat is de echte basis voor je keuze.
Tip van een expert: "De standaard vertelt je onder welke regels een credit is gemaakt. Hij vertelt je niet of een specifiek project ook echt heeft geleverd. Daarom beoordelen we elk project zelf voordat het bij een klant terechtkomt. Twee credits van dezelfde standaard kunnen enorm van elkaar verschillen."
Bernard de Wit, oprichter van Regreener

Verra (Verified Carbon Standard)
Verra beheert de Verified Carbon Standard, het grootste programma in de vrijwillige koolstofmarkt. Volgens de meeste schattingen uit de sector is Verra goed voor het merendeel van alle ooit uitgegeven credits. Haar credits, Verified Carbon Units (VCU's), bestrijken het breedste scala aan projecttypen: REDD+ en bosbouw, landbouw, hernieuwbare energie, afval, blue carbon en een groeiend aantal methodologieën voor CO2-verwijdering.
Door die breedte en schaal is Verra de standaardkeuze voor inkoop in grote volumes en voor kopers die keuze willen. Het betekent ook dat de kwaliteit sterk verschilt per project. Vooral de REDD+-methodologieën van Verra liggen zwaar onder vuur vanwege additionaliteit en baselines. Verra heeft haar regels inmiddels aangescherpt, maar de les blijft: bij Verra is due diligence op projectniveau net zo belangrijk als het logo van de standaard.
Het meest geschikt voor: grootschalige, kostenefficiënte inkoop met veel keuze, waarbij je zelf due diligence op projectniveau doet.
Gold Standard
Gold Standard werd in 2003 opgericht door het WWF en andere ngo's en bouwde haar reputatie op co-benefits. Elk project moet een meetbare bijdrage leveren aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG's) van de VN, en niet alleen tonnen CO2 opleveren.
Door die focus passen Gold Standard-credits goed bij kopers van wie het ESG-verhaal draait om impact op gemeenschappen en ontwikkeling: schone kookfornuizen, toegang tot veilig drinkwater, off-grid zonne-energie en kleinschalige landbouw. Het extra overleg met stakeholders en de rapportage over co-benefits maken certificering duurder. Dat is een van de redenen waarom Gold Standard-credits meestal duurder zijn dan vergelijkbare Verra-credits.
Het meest geschikt voor: kopers die een sterk, verifieerbaar verhaal nodig hebben over sociale impact en de SDG's.
Plan Vivo (PV Climate)
Plan Vivo, met wortels die teruggaan tot de jaren negentig, is de langst bestaande koolstofstandaard in de vrijwillige markt. De koolstofstandaard van Plan Vivo, PV Climate, certificeert natuurprojecten die worden geleid door lokale gemeenschappen en kleine boeren. Een kenmerkend model voor het delen van opbrengsten zorgt dat inkomsten direct naar lokale gemeenschappen gaan.
Twee ontwikkelingen in 2026 zijn belangrijk voor inkoop. De ICROA-erkenning van Plan Vivo wordt afgebouwd omdat ICROA stopt met accreditatie, en ICVCM en VCMI nemen de rol van belangrijkste integriteitsreferentie over. Daarnaast zou de ICVCM-beoordeling van Plan Vivo op programmaniveau bijna zijn afgerond. Plan Vivo heeft ook PV Nature gelanceerd, een aparte biodiversiteitsstandaard die gecombineerde klimaat- en natuurclaims mogelijk maakt.
Het meest geschikt voor: kopers die veel waarde hechten aan voordelen voor gemeenschappen, steun aan inheemse volken en kleine boeren, en co-benefits voor biodiversiteit.
Puro.earth
Puro.earth was de eerste standaard die speciaal is gebouwd voor technische, duurzame CO2-verwijdering. De standaard certificeert verwijderingen en geeft CO2 Removal Certificates (CORC's) uit via een register met steun van Nasdaq. De methodologieën zijn erop gericht om CO2 100 tot meer dan 1.000 jaar opgeslagen te houden. Belangrijk: Puro certificeert alleen verwijdering. Vermeden of verminderde uitstoot telt niet mee in de boekhouding.
Daardoor is Puro.earth een sterke keuze voor het deel duurzame verwijdering in een wetenschappelijk onderbouwd net-zero-plan, waarbij je credits nodig hebt die de toets van accountants en investeerders doorstaan. De methodologieën omvatten biochar, biobased bouwmaterialen, geologisch opgeslagen CO2 en vergelijkbare routes. Onder de bekende kopers die CORC's afboeken zijn grote bedrijven met publieke net-zero-doelen. Dat is een nuttig signaal van institutioneel vertrouwen in de standaard.
Het meest geschikt voor: duurzame, technische CO2-verwijdering om restuitstoot binnen een net-zero-doel aan te pakken.
Isometric
Isometric is een nieuwer, wetenschappelijk gedreven register dat zich richt op zeer duurzame CO2-verwijdering, met nadruk op strikte, digitale MRV en openbaar gepubliceerde protocollen. Het positioneert zich rond wetenschappelijke transparantie, en verschillende van zijn protocollen hebben een externe integriteitsbeoordeling doorlopen.
Voor kopers is Isometric het waard om naast Puro.earth op de shortlist te zetten als de prioriteit ligt bij technische verwijdering met sterke wetenschappelijke documentatie. Als jongere standaard heeft het een kleiner uitgegeven volume, dus de beschikbaarheid voor een bepaalde route kan beperkter zijn.
Het meest geschikt voor: kopers van duurzame verwijdering die de wetenschap vooropstellen en waarde hechten aan gedetailleerde, transparante MRV.
ACR en Climate Action Reserve
De American Carbon Registry en de Climate Action Reserve zijn gevestigde Noord-Amerikaanse standaarden, vaak in verband gebracht met gebruik dat aansluit op verplichte systemen, zoals het cap-and-trade-programma van Californië. Van beide zijn methodologieën erkend onder de ICVCM Core Carbon Principles. Daardoor worden ze relevanter voor internationale kopers die ze eerder over het hoofd zagen.
Het meest geschikt voor: kopers met een voorkeur voor Noord-Amerikaanse projecten of met eisen die gekoppeld zijn aan verplichte systemen.
De integriteitslaag: ICVCM, CORSIA en de EU CRCF
In 2026 is het kiezen van een standaard maar de helft van de beslissing. Een tweede, onafhankelijke laag laat nu zien of specifieke credits aan een wereldwijde kwaliteitslat voldoen.
De ICVCM Core Carbon Principles (CCP) zijn hiervan de belangrijkste. De Integrity Council beoordeelt zowel creditprogramma's als afzonderlijke methodologieën. Credits die slagen krijgen een CCP-label in registers zoals Verra en Gold Standard. Volgens de Integrity Council zijn sinds 2023 steeds meer programma's en tientallen methodologieën goedgekeurd, met een pool van goedgekeurde credits in de lage honderden miljoenen. Deze cijfers veranderen bij elke beoordelingsronde. Zie een specifiek aantal dus als momentopname en controleer de actuele status voordat je erop vertrouwt.
Twee andere referentiepunten zijn belangrijk voor Europese kopers en kopers met blootstelling aan de luchtvaart: CORSIA, de toelatingsregeling voor de internationale luchtvaart, en het EU Carbon Removals Certification Framework (CRCF), waaronder de Europese Commissie is begonnen met het vaststellen van certificeringsmethodologieën voor CO2-verwijdering. Aansluiting bij deze kaders wordt een zelfstandig inkoopcriterium.
De praktische conclusie: als er voor de gewenste route een credit met CCP-label bestaat, is dat de keuze met het laagste risico, ongeacht welke standaard de credit heeft uitgegeven.
Carbon credit standaarden in één oogopslag vergeleken
Standaard | Het meest geschikt voor | Type credit | Gebruikelijke duurzaamheid | Focus op co-benefits | ICVCM CCP-status (2026) |
|---|---|---|---|---|---|
Verra (VCS) | Schaal en breedte | Avoidance, reductie, removal | Verschilt per project | Gemiddeld | Programma beoordeeld; enkele methodologieën CCP-goedgekeurd |
Gold Standard | SDG's / sociale impact | Avoidance, reductie | Verschilt per project | Hoog | Programma beoordeeld; enkele methodologieën CCP-goedgekeurd |
Plan Vivo (PV Climate) | Natuurprojecten geleid door gemeenschappen | Natuurlijke reductie/removal | Lange termijn, natuurlijk | Zeer hoog | Beoordeling naar verluidt bijna afgerond |
Puro.earth | Duurzame technische verwijdering | Alleen removal (CORC's) | 100 tot 1.000+ jaar | Laag tot gemiddeld | Beoordeling van programma/methodologie loopt |
Isometric | Wetenschappelijk gedreven duurzame verwijdering | Alleen removal | Hoge duurzaamheid | Laag tot gemiddeld | Geselecteerde protocollen beoordeeld |
ACR / CAR | Noord-Amerika / verplichte systemen | Avoidance, reductie, removal | Verschilt per project | Gemiddeld | Geselecteerde methodologieën CCP-goedgekeurd |
De CCP-status verandert bij elke beoordelingsronde van ICVCM. Controleer de actuele stand op icvcm.org/assessment-status voordat je publiceert of een klant citeert.
Zo kies je de juiste standaard voor je doel
Begin bij de claim die je wilt maken en werk dan terug naar de standaard.
Je pakt restuitstoot aan binnen een wetenschappelijk onderbouwd net-zero-doel. Geef voorrang aan duurzame verwijdering: Puro.earth of Isometric.
Je ESG-verhaal draait om impact op gemeenschappen en biodiversiteit. Kijk naar Plan Vivo en Gold Standard.
Je hebt volume nodig tegen een scherpe prijs en doet zelf due diligence op projecten. Verra biedt je de meeste keuze.
Je legt verantwoording af aan auditors of werkt in een gereguleerde omgeving. Kies bij voorkeur credits met CCP-label en controleer of ze aansluiten bij CORSIA of de EU CRCF.
Welke standaard je ook kiest, het logo op de credit is de ondergrens van kwaliteit. Twee Verra-projecten, of twee Puro-projecten, kunnen in de praktijk enorm verschillen in kwaliteit. Bij Regreener beoordelen we elk project met ons eigen kwaliteitskader dat meerdere domeinen omvat, voordat het bij een klant terechtkomt. Zo zijn de credits in een portfolio op projectniveau gecontroleerd, en niet alleen op het niveau van de standaard.





