laat ons je terugbellen.

Vrijwillige CO2-markt: zo werkt de markt voor carbon credits

Laatst bijgewerkt:

9 minuten leestijd

9 minuten leestijd

Samenvatting:

De vrijwillige CO2-markt (voluntary carbon market, VCM) is de markt waar bedrijven, organisaties en particulieren carbon credits kopen zonder dat de wet dat verplicht, meestal om verantwoordelijkheid te nemen voor uitstoot die ze nog niet hebben teruggebracht. Elke credit staat voor één ton CO2-equivalent die een project heeft vermeden of verwijderd, gecertificeerd door een onafhankelijke standaard zoals Verra of Gold Standard. Er is geen centrale toezichthouder: de ICVCM toetst kwaliteit, VCMI en SBTi sturen claims, en in de EU begrenst het consumentenrecht wat kopers over hun credits mogen zeggen.

Samenvatting:

De vrijwillige CO2-markt (voluntary carbon market, VCM) is de markt waar bedrijven, organisaties en particulieren carbon credits kopen zonder dat de wet dat verplicht, meestal om verantwoordelijkheid te nemen voor uitstoot die ze nog niet hebben teruggebracht. Elke credit staat voor één ton CO2-equivalent die een project heeft vermeden of verwijderd, gecertificeerd door een onafhankelijke standaard zoals Verra of Gold Standard. Er is geen centrale toezichthouder: de ICVCM toetst kwaliteit, VCMI en SBTi sturen claims, en in de EU begrenst het consumentenrecht wat kopers over hun credits mogen zeggen.

Samenvatting:

De vrijwillige CO2-markt (voluntary carbon market, VCM) is de markt waar bedrijven, organisaties en particulieren carbon credits kopen zonder dat de wet dat verplicht, meestal om verantwoordelijkheid te nemen voor uitstoot die ze nog niet hebben teruggebracht. Elke credit staat voor één ton CO2-equivalent die een project heeft vermeden of verwijderd, gecertificeerd door een onafhankelijke standaard zoals Verra of Gold Standard. Er is geen centrale toezichthouder: de ICVCM toetst kwaliteit, VCMI en SBTi sturen claims, en in de EU begrenst het consumentenrecht wat kopers over hun credits mogen zeggen.

Carbon credits kopen is niet moeilijk. De markt begrijpen waarin je koopt wel, want niemand beheert hem. Er is geen beurs met alle credits, geen toezichthouder die elk project goedkeurt en geen eenduidig regelboek voor wat je achteraf mag claimen.

De vrijwillige CO2-markt is de markt waar bedrijven carbon credits kopen zonder wettelijke plicht, meestal om verantwoordelijkheid te nemen voor uitstoot die ze nog niet hebben teruggebracht. Elke credit staat voor één ton CO2-equivalent (tCO2e) die een project heeft vermeden of verwijderd, gecertificeerd door een onafhankelijke standaard. In dit artikel lees je wie de credits levert, wie ze controleert, wie bepaalt wat je ermee mag claimen en hoe de prijs tot stand komt.

Vrijwillig of verplicht: het verschil dat ertoe doet

Op een verplichte markt (compliance market) zoals het Europese emissiehandelssysteem EU ETS legt de wet een plafond op de uitstoot van centrales, fabrieken en luchtvaartmaatschappijen. Zij moeten voor elke ton een emissierecht inleveren. Op de vrijwillige markt hoeft niemand iets te kopen. Bedrijven doen het vanwege eigen klimaatdoelen, de verwachtingen van klanten of druk van investeerders.

De twee markten verschillen sterk in omvang. Directe CO2-beprijzing, vooral emissiehandel en CO2-heffingen, leverde overheden in 2025 ruim 107 miljard dollar op en dekt iets meer dan 29% van de wereldwijde uitstoot (Wereldbank, mei 2026). De gerapporteerde handelswaarde van de vrijwillige markt was in 2024 535 miljoen dollar (Ecosystem Marketplace, State of the Voluntary Carbon Market 2025).

De grens tussen beide wordt dunner, zoals je verderop leest. Een volledige vergelijking staat in vrijwillige en compliance carbon credits: het verschil. Dit artikel gaat over de vrijwillige kant.

Hoe groot is de vrijwillige CO2-markt?

Kleiner dan de reputatie doet vermoeden, en lastiger te meten dan nodig. Ecosystem Marketplace, dat elk jaar handelaren en registers bevraagt, kwam voor 2024 uit op 535 miljoen dollar handelswaarde, 29% minder dan in 2023, met het laagste volume sinds 2018. Het aantal afgeboekte credits, het moment waarop een credit echt wordt gebruikt, bleef met ongeveer 182 miljoen tCO2e bij de grote standaarden beter op peil.

Over 2025 zijn de databronnen het oneens. Sommige melden iets minder afboekingen dan in 2024, andere groei, afhankelijk van welke registers en welke soorten credits ze meetellen. Noemt een leverancier één cijfer voor de marktomvang, vraag dan uit welke dataset het komt.

Voor een inkoper zijn twee andere cijfers belangrijker. Ten eerste heeft kwaliteit nu een zichtbare prijs: verwijderingscredits kostten in 2024 meer dan 25 keer het marktgemiddelde en kopers betaalden 217% meer voor recente vintages (Ecosystem Marketplace). Ten tweede wordt het verschil tussen laag en hoog beoordeelde credits steeds groter. Daarom geeft ons overzicht van carbon credit prijzen in 2026 prijzen per kwaliteitsniveau.

Wie zijn de spelers op de vrijwillige CO2-markt?

Een credit gaat door meerdere handen voordat hij in je duurzaamheidsverslag staat:

Rol

Wat ze doen

Voorbeelden

Projectontwikkelaar

Ontwerpt en voert het project uit dat uitstoot vermijdt of verwijdert

ontwikkelaars van bos-, kooktoestel-, biochar- of direct air capture-projecten

Standaard en register

Stelt de methode vast, geeft credits met serienummers uit, registreert afboekingen

Verra (VCS), Gold Standard, ACR, Climate Action Reserve, Plan Vivo, Puro.earth, Isometric

Validatie- en verificatie-instantie (VVB)

Toetst het project voor registratie en elke monitoringperiode voor uitgifte

geaccrediteerde auditbureaus

Ratingbureau

Beoordeelt de kwaliteit van projecten onafhankelijk van de standaard

BeZero, Sylvera, Calyx Global

Tussenpartij

Koopt in, bundelt en verkoopt door

brokers, traders, beurzen, platforms, aanbieders

Koper

Boekt credits af tegenover de eigen uitstoot of voor een bijdrageclaim

bedrijven, overheden, luchtvaart onder CORSIA

Waar je in die keten instapt, bepaalt wat je betaalt en wat je kunt controleren. Een broker geeft toegang, een platform een catalogus, een ontwikkelaar één project, en een aanbieder als Regreener doet de due diligence en stelt de portefeuille samen. De verschillen lees je in broker, marktplaats of ontwikkelaar.

Wie maakt de regels op een markt zonder toezichthouder?

Hier gaan inkopers het vaakst de mist in. De vrijwillige markt kent minstens vier regelboeken, en elk beantwoordt een andere vraag.

Is de credit goed? De ICVCM

De Integrity Council for the Voluntary Carbon Market stelt de Core Carbon Principles (CCP) vast, een maatstaf voor additionaliteit, blijvendheid, degelijke berekening, geen dubbeltelling en waarborgen voor mens en natuur. De ICVCM beoordeelt zowel de standaarden als hun methodes. In augustus 2026 zijn 13 programma’s CCP-Eligible en 45 methodes CCP-Approved (ICVCM assessment status). Credits uit een goedgekeurde methode van een erkend programma kunnen het CCP-label krijgen.

Het label is een ondergrens. Het keurt een methode goed, niet elk project dat die methode gebruikt. Daarom blijven ratings en je eigen due diligence nodig. Welke credits er met label beschikbaar zijn, zie je in de beste CCP-gelabelde carbon credits.

Wat mag je claimen? VCMI en SBTi

Het Voluntary Carbon Markets Integrity Initiative (VCMI) publiceert de Claims Code of Practice. Die stelt voorwaarden aan bedrijven die publiek iets willen claimen over hun credits: een wetenschappelijk onderbouwd doel, aantoonbare voortgang en credits die aan de CCP-maatstaf voldoen.

De Corporate Net-Zero Standard V2.0 van SBTi, gepubliceerd in juni 2026, bepaalt hoe credits zich verhouden tot science-based targets. Ze tellen niet mee voor reductiedoelen in scope 1, 2 of 3. Ze gelden als actie buiten de waardeketen, en grotere bedrijven moeten vanaf 2035 CO2-verwijdering financieren, te beginnen met 1% van de resterende uitstoot (SBTi-eisen voor CO2-verwijdering).

Wat staat de wet toe? Europese regels

De vrijwillige markt wordt steeds meer gevormd door wetgeving die er niet voor geschreven is:

  • Consumentenrecht. Vanaf 27 september 2026 verbiedt de Europese Empowering Consumers-richtlijn claims richting consumenten dat een product dankzij compensatie CO2-neutraal, verminderd of positief is. In Nederland ziet de ACM daarop toe. Bijdrageclaims blijven mogelijk. Zie de EmpCo-richtlijn en klimaatneutraal claimen.

  • Rapportage. Bedrijven die onder de CSRD rapporteren, vermelden credits apart van hun uitstootcijfers.

  • Certificering. Het eigen Europese kader voor CO2-verwijdering, de CRCF (Verordening (EU) 2024/3012), voegt een door de overheid gesteund label toe voor verwijdering en koolstoflandbouw. De eerste gecertificeerde eenheden worden niet voor eind 2027 verwacht (CRCF-gecertificeerde carbon credits).

Waar telt de ton mee? Gastlanden en Artikel 6

Onder Artikel 6 van het Akkoord van Parijs kan een gastland credits autoriseren voor gebruik in het buitenland en een corresponding adjustment toepassen, zodat de ton niet ook in het eigen klimaatdoel meetelt. De meeste vrijwillige credits zijn niet geautoriseerd, en voor een bijdrageclaim hoeft dat ook niet. Voor luchtvaartmaatschappijen onder CORSIA doet het er wel toe, omdat in de eerste fase alleen geautoriseerde eenheden meetellen (CORSIA-credits kopen). In sommige langlopende contracten wordt autorisatie ook een verkoopargument.

Tip van Bernard de Wit, oprichter van Regreener: “Als een klant vraagt of een credit 'goed' is, antwoorden we in vier delen: is de methode goedgekeurd, hoe scoort het project zelf, wat ga je ermee claimen, en houdt die claim stand in de landen waar je verkoopt. Een credit kan de eerste twee vragen doorstaan en toch de verkeerde aankoop zijn, als de claim die je voor ogen hebt niet meer mag.”

Hoe komt de prijs op de vrijwillige CO2-markt tot stand?

Er is geen marktprijs. De prijs van een credit hangt vooral af van vijf dingen:

  1. Type project. Vermijdingscredits zoals bosbescherming of hernieuwbare energie zitten aan de onderkant; langdurige verwijdering zoals biochar en direct air capture kost een veelvoud.

  2. Kwaliteitssignalen. Een CCP-label, een hoge onafhankelijke rating en een schoon trackrecord verhogen de prijs.

  3. Vintage. Recente jaargangen zijn duurder dan oude (wat de vintage van een credit zegt).

  4. Bijkomende voordelen en extra keurmerken, bijvoorbeeld voor biodiversiteit of gemeenschappen.

  5. Contractvorm. Spot, forward en meerjarige offtake hebben elk een eigen prijs (spot, forward of offtake).

De meeste transacties lopen buiten de beurs om (over the counter). Prijzen worden dus onderhandeld en niet gepubliceerd. Daardoor kunnen twee offertes voor “dezelfde” credit flink verschillen. Met onze offertevergelijker zie je welke van deze vijf factoren het verschil in jouw offertes verklaart, en waarom offertes voor CO2-credits verschillen zet de gebruikelijke oorzaken op een rij.

Wat er voor inkopers veranderde in 2025 en 2026

Drie verschuivingen bepalen de markt waar je nu instapt.

Kwaliteit werd een prijsklasse. Kopers die vroeger de goedkoopste ton namen, betalen nu voor ratings, recente vintages en CCP-labels. Laag beoordeelde credits zijn lastig te gebruiken in publieke communicatie.

Verwijdering kwam in het budget. Met SBTi V2 werd CO2-verwijdering voor grotere bedrijven een jaarlijkse eis vanaf 2035 in plaats van een vraag voor 2050. Samen met het krappe aanbod van langdurige verwijdering duwt dat kopers naar meerjarige offtake-overeenkomsten.

Claims werden strenger. Europees consumentenrecht, toezichthouders als de ACM en het VCMI wijzen dezelfde kant op: zeg concreet wat je financierde, houd het los van je eigen uitstoot en noem producten niet neutraal.

“De bedrijven die het goed doen op deze markt, behandelen een creditaankoop als elke andere inkoop met reputatierisico: een vastgelegd kwaliteitsbeleid, een project bij naam, bewijs in het dossier. Wie in de problemen komt, kocht meestal een ton en een claim in één pakket zonder een van beide te controleren.”

Bernard de Wit, oprichter van Regreener

Zo doe je als bedrijf mee

Voor de meeste Nederlandse bedrijven ziet de route er zo uit:

  1. Meet je footprint en stel een reductiedoel. Credits komen daarna.

  2. Bepaal het doel: een bijdrageclaim, een stap richting de verwijderingseis van SBTi, of beide.

  3. Leg een kort kwaliteitsbeleid vast: geaccepteerde standaarden, minimale rating of CCP-label, verhouding vermijden en verwijderen, maximale leeftijd van de vintage.

  4. Kies een inkooproute en vraag offertes aan voor projecten bij naam.

  5. Boek af op naam van je bedrijf en bewaar het registerbewijs bij je rapportage.

Ons kwaliteitskader is de checklist die we op elk project toepassen voordat het bij een klant komt, en hoe werken carbon credits volgt één credit van project tot afboeking.

Credits kopen op de vrijwillige markt?

Vertel ons wat je met credits wilt bereiken. Wij laten zien welke projecten passen, wat ze kosten en wat je ermee mag claimen.

Praat met een expert

Carbon credits kopen is niet moeilijk. De markt begrijpen waarin je koopt wel, want niemand beheert hem. Er is geen beurs met alle credits, geen toezichthouder die elk project goedkeurt en geen eenduidig regelboek voor wat je achteraf mag claimen.

De vrijwillige CO2-markt is de markt waar bedrijven carbon credits kopen zonder wettelijke plicht, meestal om verantwoordelijkheid te nemen voor uitstoot die ze nog niet hebben teruggebracht. Elke credit staat voor één ton CO2-equivalent (tCO2e) die een project heeft vermeden of verwijderd, gecertificeerd door een onafhankelijke standaard. In dit artikel lees je wie de credits levert, wie ze controleert, wie bepaalt wat je ermee mag claimen en hoe de prijs tot stand komt.

Vrijwillig of verplicht: het verschil dat ertoe doet

Op een verplichte markt (compliance market) zoals het Europese emissiehandelssysteem EU ETS legt de wet een plafond op de uitstoot van centrales, fabrieken en luchtvaartmaatschappijen. Zij moeten voor elke ton een emissierecht inleveren. Op de vrijwillige markt hoeft niemand iets te kopen. Bedrijven doen het vanwege eigen klimaatdoelen, de verwachtingen van klanten of druk van investeerders.

De twee markten verschillen sterk in omvang. Directe CO2-beprijzing, vooral emissiehandel en CO2-heffingen, leverde overheden in 2025 ruim 107 miljard dollar op en dekt iets meer dan 29% van de wereldwijde uitstoot (Wereldbank, mei 2026). De gerapporteerde handelswaarde van de vrijwillige markt was in 2024 535 miljoen dollar (Ecosystem Marketplace, State of the Voluntary Carbon Market 2025).

De grens tussen beide wordt dunner, zoals je verderop leest. Een volledige vergelijking staat in vrijwillige en compliance carbon credits: het verschil. Dit artikel gaat over de vrijwillige kant.

Hoe groot is de vrijwillige CO2-markt?

Kleiner dan de reputatie doet vermoeden, en lastiger te meten dan nodig. Ecosystem Marketplace, dat elk jaar handelaren en registers bevraagt, kwam voor 2024 uit op 535 miljoen dollar handelswaarde, 29% minder dan in 2023, met het laagste volume sinds 2018. Het aantal afgeboekte credits, het moment waarop een credit echt wordt gebruikt, bleef met ongeveer 182 miljoen tCO2e bij de grote standaarden beter op peil.

Over 2025 zijn de databronnen het oneens. Sommige melden iets minder afboekingen dan in 2024, andere groei, afhankelijk van welke registers en welke soorten credits ze meetellen. Noemt een leverancier één cijfer voor de marktomvang, vraag dan uit welke dataset het komt.

Voor een inkoper zijn twee andere cijfers belangrijker. Ten eerste heeft kwaliteit nu een zichtbare prijs: verwijderingscredits kostten in 2024 meer dan 25 keer het marktgemiddelde en kopers betaalden 217% meer voor recente vintages (Ecosystem Marketplace). Ten tweede wordt het verschil tussen laag en hoog beoordeelde credits steeds groter. Daarom geeft ons overzicht van carbon credit prijzen in 2026 prijzen per kwaliteitsniveau.

Wie zijn de spelers op de vrijwillige CO2-markt?

Een credit gaat door meerdere handen voordat hij in je duurzaamheidsverslag staat:

Rol

Wat ze doen

Voorbeelden

Projectontwikkelaar

Ontwerpt en voert het project uit dat uitstoot vermijdt of verwijdert

ontwikkelaars van bos-, kooktoestel-, biochar- of direct air capture-projecten

Standaard en register

Stelt de methode vast, geeft credits met serienummers uit, registreert afboekingen

Verra (VCS), Gold Standard, ACR, Climate Action Reserve, Plan Vivo, Puro.earth, Isometric

Validatie- en verificatie-instantie (VVB)

Toetst het project voor registratie en elke monitoringperiode voor uitgifte

geaccrediteerde auditbureaus

Ratingbureau

Beoordeelt de kwaliteit van projecten onafhankelijk van de standaard

BeZero, Sylvera, Calyx Global

Tussenpartij

Koopt in, bundelt en verkoopt door

brokers, traders, beurzen, platforms, aanbieders

Koper

Boekt credits af tegenover de eigen uitstoot of voor een bijdrageclaim

bedrijven, overheden, luchtvaart onder CORSIA

Waar je in die keten instapt, bepaalt wat je betaalt en wat je kunt controleren. Een broker geeft toegang, een platform een catalogus, een ontwikkelaar één project, en een aanbieder als Regreener doet de due diligence en stelt de portefeuille samen. De verschillen lees je in broker, marktplaats of ontwikkelaar.

Wie maakt de regels op een markt zonder toezichthouder?

Hier gaan inkopers het vaakst de mist in. De vrijwillige markt kent minstens vier regelboeken, en elk beantwoordt een andere vraag.

Is de credit goed? De ICVCM

De Integrity Council for the Voluntary Carbon Market stelt de Core Carbon Principles (CCP) vast, een maatstaf voor additionaliteit, blijvendheid, degelijke berekening, geen dubbeltelling en waarborgen voor mens en natuur. De ICVCM beoordeelt zowel de standaarden als hun methodes. In augustus 2026 zijn 13 programma’s CCP-Eligible en 45 methodes CCP-Approved (ICVCM assessment status). Credits uit een goedgekeurde methode van een erkend programma kunnen het CCP-label krijgen.

Het label is een ondergrens. Het keurt een methode goed, niet elk project dat die methode gebruikt. Daarom blijven ratings en je eigen due diligence nodig. Welke credits er met label beschikbaar zijn, zie je in de beste CCP-gelabelde carbon credits.

Wat mag je claimen? VCMI en SBTi

Het Voluntary Carbon Markets Integrity Initiative (VCMI) publiceert de Claims Code of Practice. Die stelt voorwaarden aan bedrijven die publiek iets willen claimen over hun credits: een wetenschappelijk onderbouwd doel, aantoonbare voortgang en credits die aan de CCP-maatstaf voldoen.

De Corporate Net-Zero Standard V2.0 van SBTi, gepubliceerd in juni 2026, bepaalt hoe credits zich verhouden tot science-based targets. Ze tellen niet mee voor reductiedoelen in scope 1, 2 of 3. Ze gelden als actie buiten de waardeketen, en grotere bedrijven moeten vanaf 2035 CO2-verwijdering financieren, te beginnen met 1% van de resterende uitstoot (SBTi-eisen voor CO2-verwijdering).

Wat staat de wet toe? Europese regels

De vrijwillige markt wordt steeds meer gevormd door wetgeving die er niet voor geschreven is:

  • Consumentenrecht. Vanaf 27 september 2026 verbiedt de Europese Empowering Consumers-richtlijn claims richting consumenten dat een product dankzij compensatie CO2-neutraal, verminderd of positief is. In Nederland ziet de ACM daarop toe. Bijdrageclaims blijven mogelijk. Zie de EmpCo-richtlijn en klimaatneutraal claimen.

  • Rapportage. Bedrijven die onder de CSRD rapporteren, vermelden credits apart van hun uitstootcijfers.

  • Certificering. Het eigen Europese kader voor CO2-verwijdering, de CRCF (Verordening (EU) 2024/3012), voegt een door de overheid gesteund label toe voor verwijdering en koolstoflandbouw. De eerste gecertificeerde eenheden worden niet voor eind 2027 verwacht (CRCF-gecertificeerde carbon credits).

Waar telt de ton mee? Gastlanden en Artikel 6

Onder Artikel 6 van het Akkoord van Parijs kan een gastland credits autoriseren voor gebruik in het buitenland en een corresponding adjustment toepassen, zodat de ton niet ook in het eigen klimaatdoel meetelt. De meeste vrijwillige credits zijn niet geautoriseerd, en voor een bijdrageclaim hoeft dat ook niet. Voor luchtvaartmaatschappijen onder CORSIA doet het er wel toe, omdat in de eerste fase alleen geautoriseerde eenheden meetellen (CORSIA-credits kopen). In sommige langlopende contracten wordt autorisatie ook een verkoopargument.

Tip van Bernard de Wit, oprichter van Regreener: “Als een klant vraagt of een credit 'goed' is, antwoorden we in vier delen: is de methode goedgekeurd, hoe scoort het project zelf, wat ga je ermee claimen, en houdt die claim stand in de landen waar je verkoopt. Een credit kan de eerste twee vragen doorstaan en toch de verkeerde aankoop zijn, als de claim die je voor ogen hebt niet meer mag.”

Hoe komt de prijs op de vrijwillige CO2-markt tot stand?

Er is geen marktprijs. De prijs van een credit hangt vooral af van vijf dingen:

  1. Type project. Vermijdingscredits zoals bosbescherming of hernieuwbare energie zitten aan de onderkant; langdurige verwijdering zoals biochar en direct air capture kost een veelvoud.

  2. Kwaliteitssignalen. Een CCP-label, een hoge onafhankelijke rating en een schoon trackrecord verhogen de prijs.

  3. Vintage. Recente jaargangen zijn duurder dan oude (wat de vintage van een credit zegt).

  4. Bijkomende voordelen en extra keurmerken, bijvoorbeeld voor biodiversiteit of gemeenschappen.

  5. Contractvorm. Spot, forward en meerjarige offtake hebben elk een eigen prijs (spot, forward of offtake).

De meeste transacties lopen buiten de beurs om (over the counter). Prijzen worden dus onderhandeld en niet gepubliceerd. Daardoor kunnen twee offertes voor “dezelfde” credit flink verschillen. Met onze offertevergelijker zie je welke van deze vijf factoren het verschil in jouw offertes verklaart, en waarom offertes voor CO2-credits verschillen zet de gebruikelijke oorzaken op een rij.

Wat er voor inkopers veranderde in 2025 en 2026

Drie verschuivingen bepalen de markt waar je nu instapt.

Kwaliteit werd een prijsklasse. Kopers die vroeger de goedkoopste ton namen, betalen nu voor ratings, recente vintages en CCP-labels. Laag beoordeelde credits zijn lastig te gebruiken in publieke communicatie.

Verwijdering kwam in het budget. Met SBTi V2 werd CO2-verwijdering voor grotere bedrijven een jaarlijkse eis vanaf 2035 in plaats van een vraag voor 2050. Samen met het krappe aanbod van langdurige verwijdering duwt dat kopers naar meerjarige offtake-overeenkomsten.

Claims werden strenger. Europees consumentenrecht, toezichthouders als de ACM en het VCMI wijzen dezelfde kant op: zeg concreet wat je financierde, houd het los van je eigen uitstoot en noem producten niet neutraal.

“De bedrijven die het goed doen op deze markt, behandelen een creditaankoop als elke andere inkoop met reputatierisico: een vastgelegd kwaliteitsbeleid, een project bij naam, bewijs in het dossier. Wie in de problemen komt, kocht meestal een ton en een claim in één pakket zonder een van beide te controleren.”

Bernard de Wit, oprichter van Regreener

Zo doe je als bedrijf mee

Voor de meeste Nederlandse bedrijven ziet de route er zo uit:

  1. Meet je footprint en stel een reductiedoel. Credits komen daarna.

  2. Bepaal het doel: een bijdrageclaim, een stap richting de verwijderingseis van SBTi, of beide.

  3. Leg een kort kwaliteitsbeleid vast: geaccepteerde standaarden, minimale rating of CCP-label, verhouding vermijden en verwijderen, maximale leeftijd van de vintage.

  4. Kies een inkooproute en vraag offertes aan voor projecten bij naam.

  5. Boek af op naam van je bedrijf en bewaar het registerbewijs bij je rapportage.

Ons kwaliteitskader is de checklist die we op elk project toepassen voordat het bij een klant komt, en hoe werken carbon credits volgt één credit van project tot afboeking.

Credits kopen op de vrijwillige markt?

Vertel ons wat je met credits wilt bereiken. Wij laten zien welke projecten passen, wat ze kosten en wat je ermee mag claimen.

Praat met een expert

Carbon credits kopen is niet moeilijk. De markt begrijpen waarin je koopt wel, want niemand beheert hem. Er is geen beurs met alle credits, geen toezichthouder die elk project goedkeurt en geen eenduidig regelboek voor wat je achteraf mag claimen.

De vrijwillige CO2-markt is de markt waar bedrijven carbon credits kopen zonder wettelijke plicht, meestal om verantwoordelijkheid te nemen voor uitstoot die ze nog niet hebben teruggebracht. Elke credit staat voor één ton CO2-equivalent (tCO2e) die een project heeft vermeden of verwijderd, gecertificeerd door een onafhankelijke standaard. In dit artikel lees je wie de credits levert, wie ze controleert, wie bepaalt wat je ermee mag claimen en hoe de prijs tot stand komt.

Vrijwillig of verplicht: het verschil dat ertoe doet

Op een verplichte markt (compliance market) zoals het Europese emissiehandelssysteem EU ETS legt de wet een plafond op de uitstoot van centrales, fabrieken en luchtvaartmaatschappijen. Zij moeten voor elke ton een emissierecht inleveren. Op de vrijwillige markt hoeft niemand iets te kopen. Bedrijven doen het vanwege eigen klimaatdoelen, de verwachtingen van klanten of druk van investeerders.

De twee markten verschillen sterk in omvang. Directe CO2-beprijzing, vooral emissiehandel en CO2-heffingen, leverde overheden in 2025 ruim 107 miljard dollar op en dekt iets meer dan 29% van de wereldwijde uitstoot (Wereldbank, mei 2026). De gerapporteerde handelswaarde van de vrijwillige markt was in 2024 535 miljoen dollar (Ecosystem Marketplace, State of the Voluntary Carbon Market 2025).

De grens tussen beide wordt dunner, zoals je verderop leest. Een volledige vergelijking staat in vrijwillige en compliance carbon credits: het verschil. Dit artikel gaat over de vrijwillige kant.

Hoe groot is de vrijwillige CO2-markt?

Kleiner dan de reputatie doet vermoeden, en lastiger te meten dan nodig. Ecosystem Marketplace, dat elk jaar handelaren en registers bevraagt, kwam voor 2024 uit op 535 miljoen dollar handelswaarde, 29% minder dan in 2023, met het laagste volume sinds 2018. Het aantal afgeboekte credits, het moment waarop een credit echt wordt gebruikt, bleef met ongeveer 182 miljoen tCO2e bij de grote standaarden beter op peil.

Over 2025 zijn de databronnen het oneens. Sommige melden iets minder afboekingen dan in 2024, andere groei, afhankelijk van welke registers en welke soorten credits ze meetellen. Noemt een leverancier één cijfer voor de marktomvang, vraag dan uit welke dataset het komt.

Voor een inkoper zijn twee andere cijfers belangrijker. Ten eerste heeft kwaliteit nu een zichtbare prijs: verwijderingscredits kostten in 2024 meer dan 25 keer het marktgemiddelde en kopers betaalden 217% meer voor recente vintages (Ecosystem Marketplace). Ten tweede wordt het verschil tussen laag en hoog beoordeelde credits steeds groter. Daarom geeft ons overzicht van carbon credit prijzen in 2026 prijzen per kwaliteitsniveau.

Wie zijn de spelers op de vrijwillige CO2-markt?

Een credit gaat door meerdere handen voordat hij in je duurzaamheidsverslag staat:

Rol

Wat ze doen

Voorbeelden

Projectontwikkelaar

Ontwerpt en voert het project uit dat uitstoot vermijdt of verwijdert

ontwikkelaars van bos-, kooktoestel-, biochar- of direct air capture-projecten

Standaard en register

Stelt de methode vast, geeft credits met serienummers uit, registreert afboekingen

Verra (VCS), Gold Standard, ACR, Climate Action Reserve, Plan Vivo, Puro.earth, Isometric

Validatie- en verificatie-instantie (VVB)

Toetst het project voor registratie en elke monitoringperiode voor uitgifte

geaccrediteerde auditbureaus

Ratingbureau

Beoordeelt de kwaliteit van projecten onafhankelijk van de standaard

BeZero, Sylvera, Calyx Global

Tussenpartij

Koopt in, bundelt en verkoopt door

brokers, traders, beurzen, platforms, aanbieders

Koper

Boekt credits af tegenover de eigen uitstoot of voor een bijdrageclaim

bedrijven, overheden, luchtvaart onder CORSIA

Waar je in die keten instapt, bepaalt wat je betaalt en wat je kunt controleren. Een broker geeft toegang, een platform een catalogus, een ontwikkelaar één project, en een aanbieder als Regreener doet de due diligence en stelt de portefeuille samen. De verschillen lees je in broker, marktplaats of ontwikkelaar.

Wie maakt de regels op een markt zonder toezichthouder?

Hier gaan inkopers het vaakst de mist in. De vrijwillige markt kent minstens vier regelboeken, en elk beantwoordt een andere vraag.

Is de credit goed? De ICVCM

De Integrity Council for the Voluntary Carbon Market stelt de Core Carbon Principles (CCP) vast, een maatstaf voor additionaliteit, blijvendheid, degelijke berekening, geen dubbeltelling en waarborgen voor mens en natuur. De ICVCM beoordeelt zowel de standaarden als hun methodes. In augustus 2026 zijn 13 programma’s CCP-Eligible en 45 methodes CCP-Approved (ICVCM assessment status). Credits uit een goedgekeurde methode van een erkend programma kunnen het CCP-label krijgen.

Het label is een ondergrens. Het keurt een methode goed, niet elk project dat die methode gebruikt. Daarom blijven ratings en je eigen due diligence nodig. Welke credits er met label beschikbaar zijn, zie je in de beste CCP-gelabelde carbon credits.

Wat mag je claimen? VCMI en SBTi

Het Voluntary Carbon Markets Integrity Initiative (VCMI) publiceert de Claims Code of Practice. Die stelt voorwaarden aan bedrijven die publiek iets willen claimen over hun credits: een wetenschappelijk onderbouwd doel, aantoonbare voortgang en credits die aan de CCP-maatstaf voldoen.

De Corporate Net-Zero Standard V2.0 van SBTi, gepubliceerd in juni 2026, bepaalt hoe credits zich verhouden tot science-based targets. Ze tellen niet mee voor reductiedoelen in scope 1, 2 of 3. Ze gelden als actie buiten de waardeketen, en grotere bedrijven moeten vanaf 2035 CO2-verwijdering financieren, te beginnen met 1% van de resterende uitstoot (SBTi-eisen voor CO2-verwijdering).

Wat staat de wet toe? Europese regels

De vrijwillige markt wordt steeds meer gevormd door wetgeving die er niet voor geschreven is:

  • Consumentenrecht. Vanaf 27 september 2026 verbiedt de Europese Empowering Consumers-richtlijn claims richting consumenten dat een product dankzij compensatie CO2-neutraal, verminderd of positief is. In Nederland ziet de ACM daarop toe. Bijdrageclaims blijven mogelijk. Zie de EmpCo-richtlijn en klimaatneutraal claimen.

  • Rapportage. Bedrijven die onder de CSRD rapporteren, vermelden credits apart van hun uitstootcijfers.

  • Certificering. Het eigen Europese kader voor CO2-verwijdering, de CRCF (Verordening (EU) 2024/3012), voegt een door de overheid gesteund label toe voor verwijdering en koolstoflandbouw. De eerste gecertificeerde eenheden worden niet voor eind 2027 verwacht (CRCF-gecertificeerde carbon credits).

Waar telt de ton mee? Gastlanden en Artikel 6

Onder Artikel 6 van het Akkoord van Parijs kan een gastland credits autoriseren voor gebruik in het buitenland en een corresponding adjustment toepassen, zodat de ton niet ook in het eigen klimaatdoel meetelt. De meeste vrijwillige credits zijn niet geautoriseerd, en voor een bijdrageclaim hoeft dat ook niet. Voor luchtvaartmaatschappijen onder CORSIA doet het er wel toe, omdat in de eerste fase alleen geautoriseerde eenheden meetellen (CORSIA-credits kopen). In sommige langlopende contracten wordt autorisatie ook een verkoopargument.

Tip van Bernard de Wit, oprichter van Regreener: “Als een klant vraagt of een credit 'goed' is, antwoorden we in vier delen: is de methode goedgekeurd, hoe scoort het project zelf, wat ga je ermee claimen, en houdt die claim stand in de landen waar je verkoopt. Een credit kan de eerste twee vragen doorstaan en toch de verkeerde aankoop zijn, als de claim die je voor ogen hebt niet meer mag.”

Hoe komt de prijs op de vrijwillige CO2-markt tot stand?

Er is geen marktprijs. De prijs van een credit hangt vooral af van vijf dingen:

  1. Type project. Vermijdingscredits zoals bosbescherming of hernieuwbare energie zitten aan de onderkant; langdurige verwijdering zoals biochar en direct air capture kost een veelvoud.

  2. Kwaliteitssignalen. Een CCP-label, een hoge onafhankelijke rating en een schoon trackrecord verhogen de prijs.

  3. Vintage. Recente jaargangen zijn duurder dan oude (wat de vintage van een credit zegt).

  4. Bijkomende voordelen en extra keurmerken, bijvoorbeeld voor biodiversiteit of gemeenschappen.

  5. Contractvorm. Spot, forward en meerjarige offtake hebben elk een eigen prijs (spot, forward of offtake).

De meeste transacties lopen buiten de beurs om (over the counter). Prijzen worden dus onderhandeld en niet gepubliceerd. Daardoor kunnen twee offertes voor “dezelfde” credit flink verschillen. Met onze offertevergelijker zie je welke van deze vijf factoren het verschil in jouw offertes verklaart, en waarom offertes voor CO2-credits verschillen zet de gebruikelijke oorzaken op een rij.

Wat er voor inkopers veranderde in 2025 en 2026

Drie verschuivingen bepalen de markt waar je nu instapt.

Kwaliteit werd een prijsklasse. Kopers die vroeger de goedkoopste ton namen, betalen nu voor ratings, recente vintages en CCP-labels. Laag beoordeelde credits zijn lastig te gebruiken in publieke communicatie.

Verwijdering kwam in het budget. Met SBTi V2 werd CO2-verwijdering voor grotere bedrijven een jaarlijkse eis vanaf 2035 in plaats van een vraag voor 2050. Samen met het krappe aanbod van langdurige verwijdering duwt dat kopers naar meerjarige offtake-overeenkomsten.

Claims werden strenger. Europees consumentenrecht, toezichthouders als de ACM en het VCMI wijzen dezelfde kant op: zeg concreet wat je financierde, houd het los van je eigen uitstoot en noem producten niet neutraal.

“De bedrijven die het goed doen op deze markt, behandelen een creditaankoop als elke andere inkoop met reputatierisico: een vastgelegd kwaliteitsbeleid, een project bij naam, bewijs in het dossier. Wie in de problemen komt, kocht meestal een ton en een claim in één pakket zonder een van beide te controleren.”

Bernard de Wit, oprichter van Regreener

Zo doe je als bedrijf mee

Voor de meeste Nederlandse bedrijven ziet de route er zo uit:

  1. Meet je footprint en stel een reductiedoel. Credits komen daarna.

  2. Bepaal het doel: een bijdrageclaim, een stap richting de verwijderingseis van SBTi, of beide.

  3. Leg een kort kwaliteitsbeleid vast: geaccepteerde standaarden, minimale rating of CCP-label, verhouding vermijden en verwijderen, maximale leeftijd van de vintage.

  4. Kies een inkooproute en vraag offertes aan voor projecten bij naam.

  5. Boek af op naam van je bedrijf en bewaar het registerbewijs bij je rapportage.

Ons kwaliteitskader is de checklist die we op elk project toepassen voordat het bij een klant komt, en hoe werken carbon credits volgt één credit van project tot afboeking.

Credits kopen op de vrijwillige markt?

Vertel ons wat je met credits wilt bereiken. Wij laten zien welke projecten passen, wat ze kosten en wat je ermee mag claimen.

Praat met een expert

Gratis tool

Offertes voor carbon credits vergelijken?

Zie in een paar minuten welke factoren het prijsverschil tussen je offertes verklaren. De tool is in het Engels.

Gratis · geen account nodig

Regreener free tools for carbon credit buyers

Over de Auteur:

bernard de wit van regreener

Bernard de Wit

Bernard is de oprichter van Regreener, dat hij in 2020 startte na zijn rechtenstudie in Leiden (Nederland) en Oxford (Verenigd Koninkrijk). Hij is gepassioneerd over klimaatactie, duurzaamheid en CO2-creditsmarkten en helpt bedrijven om betrouwbare, impactvolle klimaatmaatregelen te nemen door inzichten en best practices te delen. Als hij niet bezig is met het delen van kennis of het adviseren van bedrijven over hun duurzaamheidsdoelstellingen, kun je Bernard vinden op de tennisbaan of bij vrienden.

Gratis tools

Zes gratis tools voor kopers van carbon credits

Plan je budget, check je SBTi V2-vereisten, bouw een RFP, vergelijk offertes en check de kwaliteit van je credits.

Regreener free tools for carbon credit buyers

INHOUDSOPGAVE

Artikel Delen

Artikel Delen

Veelgestelde vragen

Wat is de vrijwillige CO2-markt?

Het is de markt waarop bedrijven, organisaties en particulieren carbon credits kopen zonder wettelijke verplichting. Elke credit staat voor één ton CO2e die een gecertificeerd project heeft vermeden of verwijderd. Kopers gebruiken ze om verantwoordelijkheid te nemen voor uitstoot die ze nog niet hebben teruggebracht, of om projecten te steunen die ze zelf kiezen.

Wat is het verschil met de verplichte CO2-markt?

Op een verplichte markt zoals het EU ETS begrenst de wet de uitstoot en moeten bedrijven emissierechten inleveren. Op de vrijwillige markt is niemand verplicht te kopen. De markten raken wel verweven: Artikel 6-autorisaties en CORSIA gebruiken nu credits die op de vrijwillige markt ontstaan.

Is de vrijwillige CO2-markt gereguleerd?

Niet door één toezichthouder. Standaarden zoals Verra en Gold Standard certificeren projecten, de ICVCM toetst hun kwaliteit en VCMI en SBTi sturen claims. De Europese wet regelt wat je over credits zegt: vanaf 27 september 2026 zijn productclaims als “CO2-neutraal” op basis van compensatie richting consumenten verboden.

Hoe groot is de vrijwillige CO2-markt?

Ecosystem Marketplace rapporteerde voor 2024 535 miljoen dollar handelswaarde en ongeveer 182 miljoen tCO2e aan afgeboekte credits. Voor 2025 lopen de schattingen per databron uiteen, dus vraag bij elk cijfer naar de bron.

Hoe worden prijzen op de vrijwillige CO2-markt bepaald?

Vooral in onderhandelingen tussen kopers, tussenpartijen en ontwikkelaars. Type project, kwaliteitssignalen zoals het CCP-label en ratings, vintage, bijkomende voordelen en contractvorm verklaren het grootste deel van de prijsverschillen.

Greenwashing-proof klimaatactie

Portret van een klimaatstrateeg
Portret van een klimaatstrateeg

Sluit je aan bij 200+ bedrijven die impact maken met Regreener